Twee gedichten: Pim te Bokkel

Pim te Bokkel (1983) publiceerde drie dichtbundels bij uitgeverij Nieuw Amsterdam. In 2007 werd zijn debuut genomineerd voor de C. Buddingh’-prijs. Dit is hoe een storm ontstaat verscheen als laatste. Bij de olieverfschilderijen van dode dieren en verwelkte bloemstukken van Pieter Knorr schreef hij de onderstaande gedichten. Nieuwsgierig naar de gehele reeks? Neem een abonnement.

*

Vervluchtigen

de magnolia blijft in de massieve vaas
in het moment waarop ze net het blad niet laat
ik wil het schilderij uit de lijst lichten
de twijg van het doek bevrijden
met de bloesem in een ruimte zijn
niet dat ze me stil en levenloos bekijkt
ze kijkt omhoog en strekt haar vleugelblad
alsof ze dreigt op te vliegen
het wit van de bloem gaat al op in de mist
die de grens met de achtergrond is
stof in de lucht die het licht weerkaatst
vocht uit de vaas dat als eau de cologne verdampt
voorbij mijn lippen gaat het
op in een weefsel vertakkende haarvaten
alles ademt opgelucht
opgenomen neemt de lucht ons op

 

Bij de geboorte van een veulen

uit de vrieskist gelicht
dooit uit de permafrost een veulen dat nog dood is maar de
hoop voedt dat de tijd wordt teruggedraaid wanneer je lang en
ernstig kijkt, alsof de herfst terugkeert als je het blad terug aan de
skeletten van de eiken hangt
een eerste lik
de streken die je tekenen als je zo opspringt
het negatief dan: tussen zwarte vegen de ruimte die je achterlaat
als je er niet meer bent en waar je nu verschijnt en nat nog droomt
dat je op ranke benen staat, als dorre takken die op breken staan
vastgelegd ben je, herboren
opgebaard
in de bekisting van een lijst